Jongeren nemen langzaam het politieke stokje over

By 17 december 2018Geen categorie

TEKST: RICK LEMMENS 

In 1998 was de gemiddelde leeftijd van Kamerleden nog vijftig jaar. De afgelopen jaren daalde dit gemiddelde met zes jaar. Jonge ambitieuze politici beginnen op gemeentelijk niveau en mogen hopen op een snelle doorstroming naar de Tweede Kamer. Waarom juist nu?

Floris de Boer, inmiddels twintig jaar, begon zijn politieke carrière een jaar geleden. Hij werd lid van D66 op zijn negentiende verjaardag en vrijwel direct gevraagd om lijsttrekker te worden in de gemeente Langedijk. De gemeente ligt in de provincie Noord-Holland en heeft bijna 30.000 inwoners. Is het altijd makkelijk om een jong raadslid te zijn? “Nee”, antwoordt De Boer. Vaak genoeg krijgt hij opmerkingen van buiten de politiek: “Jongen met jouw leeftijd ga je toch niet de politiek in, ga toch achter de meisjes aan.” In de raad werd hij ook niet hartelijk ontvangen. Ouderen vonden het leuk om hier grapjes over te maken. De opmerkingen waren niet mild: “Mag je ook eens met de grote mannen meedoen.” De jonge politicus liet zich niet kennen en gaf op zulke opmerkingen een grote mond terug. “Maar jullie laten me al meedoen.” Dan stopte het wel, ontdekte de Boer.

De jeugdige D66-lijsttrekker denkt dat jongeren met name een voordeel hebben met hun digitale geletterdheid, cruciaal in een onlinenieuwsmaatschappij. Vaak zijn politieke stukken, zoals begrotingen heel complex. Hij herschrijft deze dan op een begrijpelijke manier en publiceert deze op de website. In de Tweede Kamer ziet De Boer een verschuiving van oud naar jong, maar daarbuiten constateert hij vooral veel vergrijzing. Binnen de eigen partij ziet De Boer geen enkel probleem. “De oudere generatie heeft wel degelijk nog veel inspraak.” Hij vindt ook dat de jeugd niet de overhand moet krijgen in de politiek.

Bijna zestig jaar verschil

De 79-jarige Cees Hoogerheide is een van de oudste raadsleden in Nederland. Hij verdedigt in de gemeenteraad de belangen van een lokale partij, Texels Belang. Hoogerheide is al twintig jaar betrokken bij de partij, tien jaar direct en daarvoor achter de schermen. Net als De Boer juicht de oude politicus de toename van jongeren in de politiek toe. “Ik ben ontzettend blij met het enthousiasme dat jongeren met zich meebrengen, maar ze moeten niet de overhand krijgen.” Hoogerheide vindt wel dat de toename van jonge politici een gevaar met zich meebrengt. Daarmee doelt hij op het feit dat jongeren in de gemeentepolitiek gaan en tegelijkertijd elders gaan studeren. Het eiland Texel is volgens Hoogerheide een perfect voorbeeld van deze situatie. “Op Texel hebben we een probleem, de jongeren volgen middelbaar onderwijs. Daarna studeren ze ergens anders en komen ze niet meer terug. Er is wel degelijk een leegloop van hoger opgeleide jongeren op het eiland.” Hoogerheide geeft als voorbeeld een jong GroenLinksraadslid, dat over een jaar gaat studeren. “Je weet nooit of ze nog terugkomen, wie weet treffen ze de liefde van hun leven of vinden ze een goede baan.”

Bekende jonkies

De bekendste jonge gezichten van nu zijn Jesse Klaver (32 jaar), Rob Jetten (31 jaar), Lilian Marijnissen (33 jaar), Thierry Baudet (35 jaar) en Klaas Dijkhoff (37 jaar). Daarnaast zijn er nog meer jonge Kamerleden, Eva Akkerboom (26 jaar) van de PvdD is het jongst. De tweede plek is voor Rens Raemakers (27 jaar) van D66. Nu lijkt het alsof er voldoende Kamerleden onder de dertig te vinden zijn. Het blijft steken op een drietal, de derde plek wordt ingenomen door Thierry Aartsen (28 jaar). Dertigers zijn er wel in overvloed, 39 om precies te zijn. Met dat aantal is al bijna een derde van de Tweede Kamer gevuld met personen onder de veertig jaar. Hofleverancier van de jonge politici is de SP, gevolgd door de VVD en D66. Meer dan een derde van de Kamerleden van de SP is onder de 40 jaar.

In de laatste tien kabinetten lag de gemiddelde leeftijd het laagst bij GroenLinks, de PVV en de SP. Voorheen hadden de grotere partijen zoals CDA en PvdA wel meer zetels dan nu, ongeveer 45 tot 50 zetels. De overige partijen moesten het met een kleiner aandeel doen. Daardoor waren deze gemiddeldes niet zo representatief als bij de laatste verkiezingen in 2017, toen behaalde de grootste partij VVD maar 33 zetels.

Groep acht aan de macht

Waar zijn voorliefde voor politiek vandaan komt durft het jonge raadslid niet te zeggen. Wel herinnert hij zich dat hij in groep acht al politieke interesses had. De Boer verdiepte zich tussen twaalf en negentien jaar in de politiek. De keuze lag tussen de VVD en D66, maar hij werd pro-D66, vanwege de nuance. “De VVD doet vaker ongenuanceerde uitspraken zoals: De snelheid op snelwegen moet omlaag of omhoog”, vindt De Boer. Zijn favoriete partij verdiept zich eerst voordat er zulke uitspraken de wereld in worden geslingerd. Daarnaast had hij sinds zijn zestiende levensjaar al een poster van zijn voorbeeld, Pechtold. Die poster hing er drie jaar, totdat hij zelf lijsttrekker werd. “Het is wel een beetje narcistisch, maar op dat moment was de poster aan vervanging toe en hing er een poster van mezelf aan mijn raam.” Sinds kort heeft hij zelfs een muur vullende abri poster (bushokjesformaat) op zijn kamer hangen met de toepasselijke tekst: ‘STEM D66.’

Hoe en wat? Tijdens zijn eerste debat                                                                                 

Het debuut van De Boer in de raad vond plaats op 8 mei. Tijdens zijn eerste raadsvergadering zat hij op het begin van de avond op de publiekstribune. Aan het einde van de vergadering mocht hij aantreden voor zijn beëdiging. Daarna volgde nog een motie over statiegeld op alle PET flessen, de zogenoemde statiegeldalliantie. “Het eerste wat in me op kwam, was had ik die motie maar ingediend.” Hij maakte in deze vergadering geen verschil. Vier maanden later was het zover, de eerste verandering door zijn toedoen was een feit. Hij diende een motie in met als doel het opstellen van een jongerenraad. Die raad kwam er, de motie werd unaniem aangenomen. Door deze jongerenraad kwam er ook een hardlooppad in de gemeente. “Dit is een klein voorbeeld van wat ouderen niet voor elkaar zouden krijgen, het is een klein verschil maar het veranderd wel iets voor de jongeren. Door de jongerenraad wordt de jeugd ook meer betrokken bij politieke beslissingen en daardoor krijgen ze hopelijk ook meer interesse in.

Strategie

Joost van Spanje is hoofddocent aan de Universiteit van Amsterdam en doet al jaren onderzoek naar nieuwe politieke partijen. Sinds 1948 redt ongeveer negentig procent van de nieuwe partijen het niet. Van Spanje vindt het bijzonder dat sommige partijen het nu wel redden. “Je moet ook opvallen, zoals de gekke dansjes van Thierry Baudet of het haar van Wilders.”

“Het is momenteel wel vrij uniek dat er zoveel jongeren in de Tweede Kamer actief zijn”, vertelt Van Spanje. Hij zegt dat het toeval kan zijn, maar dat het niet voor de hand ligt. Dat komt volgens hem doordat GroenLinks en D66 zich juist richten op jongeren en daardoor kiezen voor een jongere uitstraling. De VVD en het CDA vissen juist weer uit de grotere vijver van oudere kiezers. Dat verschil in formaat van vijvers kan voor een toename in de tegenstelling tussen jong en oud zorgen. Die tegenstelling komt voort uit economische problemen, zoals het pensioenstelsel. “Jongeren realiseren zich steeds meer dat ouderen het geld uit de pensioenspot opmaken. Dit soort tegenstellingen zorgen voor een disbalans. Het gevaar is dat er steeds meer babyboomers zijn en zij het voor het zeggen krijgen.”

Geen woorden maar ook daden

De Boer vindt de huidige vooruitgang van de toename van jonge politici ontzettend mooi. Hij hoopt dat de jongere leeftijdsgroep ook meer buiten de conventionele lijnen gaat treden. “Ik zou bijna willen zeggen zoals Thierry Baudet dat deed met het legervest.” Hij vindt dat politici meer buiten de comfortzone moeten treden en dan tegelijkertijd toch een politiek statement moeten maken. “Verzet je niet alleen met woorden, maar probeer er ook echt iets met daden tegen te doen.” Of er daadwerkelijk nog meer jongeren in de Tweede Kamer komen, hangt ervan of het nu echt een trend is, stelt De Boer. “Als het een trend blijkt te zijn dan zal het blijven toenemen, maar wie weet komt er dan alsnog een halt op van bovenaf.” Hij denkt dat politieke partijen wel beseffen dat wanneer ze een jong gezicht kiezen en het goed uitpakt, diegene nog heel lang het partijbelang kan vertegenwoordigen. Zijn eigen politieke ambities komen op de tweede plek. Momenteel is het belangrijkste het afronden van zijn studie, Algemene Sociale Wetenschappen. Stel dat er nu iemand belt voor een plekje op de lijst Tweede Kamerverkiezingen. “Ik zou op dit moment weigeren, maar over een paar jaar zou ik er geen seconde over nadenken.”

Senior Hoogerheide vindt het belangrijk dat de Tweede Kamer weer een afspiegeling van de maatschappij wordt. “Het zijn tegenwoordig vooral afgestudeerden in rechten, daar heb ik niets op tegen maar het is geen afspiegeling van onze maatschappij.” De leeftijd vindt hij geen enkel punt. “Jongeren moeten het stokje overnemen en het nieuwe beleid uitzetten.” Ook hoopt Hoogerheide dat er meer vrouwen de politiek ingaan. Hij legt dat uit aan de hand van een voorbeeld: “Stel mevrouw A. en Meneer B. zijn overspannen. Meneer B. zoekt oude stenen bij elkaar en mevrouw A.  bouwt met nieuwe stenen een huis.” Daarmee wil hij zeggen dat mannen meer vasthouden aan het verleden en vrouwen toekomstgerichter te werk gaan en het oude makkelijker loslaten. “Als je ze bij elkaar zet dan zoekt de man oude stenen bij elkaar en bouwt de vrouw daarvan een nieuw huis.” Dat is de ideale mix in meerdere situaties.